Print

Vaststelling presentiegeld

Artikel 17, § 2 van het decreet over het lokaal bestuur bepaalt dat het bedrag van het presentiegeld wordt bepaald door de gemeenteraad binnen de grenzen vastgesteld door de Vlaamse Regering
Artikel 18 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 2018 houdende het statuut van de lokale mandataris legt die grenzen vast. Het presentiegeld bedraagt minimaal 28,57 euro en maximaal 124,98 euro tegen 100% (gekoppeld aan spilindex 138,01).
De geïndexeerde minima en maxima worden in de onderstaande tabel uitgewerkt.

PeriodeMinimaMaxima
1 januari 2007 - 31 januari 200840,00 euro175,00 euro
1 februari 2008 - 31 mei 200840,80 euro178,50 euro
1 juni 2008 - 30 september 200841,62 euro182,07 euro
1 oktober 2008 - 30 september 201042,45 euro185,70 euro
1 oktober 2010 - 31 mei 201143,30 euro189,43 euro
1 juni 2011 - 29 februari 201244,17 euro193,22 euro
1 maart 2012- 31 december 201245,02 euro197,08 euro
1 januari 2013 - 30 juni 201645,95 euro201,02 euro
1 juli 2016 - 30 juni 201746,87 euro205,04 euro
1 juli 2017 - 30 september 201847,81 euro209,14 euro
1 oktober 2018 - 31 maart 202048,77 euro213,32 euro
Vanaf 1 april 202049,74 euro217,59 euro

OCMW-raadsleden ontvangen alleen presentiegeld voor hun aanwezigheid op de vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn als die vergadering niet aansluit op de vergadering van de gemeenteraad. Daarnaast ontvangen de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn die geen lid zijn van de gemeenteraad, presentiegeld voor hun aanwezigheid op de vergaderingen van de raad voor maatschappelijk welzijn.