Welke beslissingen vallen onder de noemer “beslissingen in extremis die het beleid van de nieuwe raden, de financiële situatie, of de toekomstige ontwikkeling van de financiën nodeloos zouden verstoren”?

Uitgebreide vraag

Welke beslissingen vallen onder de noemer “beslissingen in extremis die het beleid van de nieuwe raden, de financiële situatie, of de toekomstige ontwikkeling van de financiën nodeloos zouden verstoren”?

Antwoord

Een bestuur moet geval per geval nagaan of een voorgenomen beslissing het toekomstig beleid en de (toekomstige) financiële situatie onnodig dreigt te verstoren.

De volgende elementen kunnen daarbij een rol spelen:

  • Staat de actie of beslissing al in het meerjarenplan?
  • Is het een lopend dossier waarin het bestuur al bepaalde (principe)beslissingen nam?
  • Vereist de beslissing een dermate groot budget dat een zware, onvoorziene impact heeft op de gemeentelijke financiën?

Enkele voorbeelden:

  • Het voornemen om een gemeentehuis te renoveren volstaat niet. Er moeten concrete plannen zijn.
  • Omdat het meerjarenplan 2013-2018 de realisatie van de eerste fase van het sportpark voorziet en het bestuur de bouwplannen in 2016 en 2017 al toelichtte aan een gemeenteraadscommissie, mag het gemeentebestuur, in afwachting van een beslissing over een Vlaamse subsidie, de goedkeuringsbesluiten in januari 2018 aan de gemeenteraad voorleggen.
  • Het afsluiten van een erfpachtovereenkomst staat niet in het meerjarenplan en is budgettair niet voorzien. Een notariële akte opstellen voor het sluiten van een erfpachtovereenkomst voor 60 jaar neemt enkele maanden in beslag. Als het om een normale erfpachtsom gaat, kan het bestuur die in 2018 ter goedkeuring voorleggen aan de gemeenteraad. Een langdurige erfpachtovereenkomst afsluiten in het verkiezingsjaar of in een ander jaar van de legislatuur, maakt weinig verschil. Langlopende contracten belasten in elk geval de toekomstige legislaturen.

Een gezamenlijk bestek en de gunning als één opdracht van twee afzonderlijke projecten, vormt geen probleem als de geraamde kost binnen de voorziene budgetten van de meerjarenplanning blijft en ze de financiën van de gemeente niet onnodig belast.