Kan een gemeente, na de definitieve beslissing tot fusie, nog autonoom beslissen over het wijzigen van de RPR en personeelsformatie of moet hierover verplicht overleg gepleegd worden met de fusiepartner?

In personeelsaangelegenheden is het niet mogelijk om in algemene zin een eensluidende definitie te geven aan ‘de lopende zaken’ en moet elke casus individueel beoordeeld worden.

De wijziging van een formatie valt niet onder het begrip ‘lopende zaken’ en kan dus enkel gebeuren na verplicht overleg met de fusiepartner. Dit omdat bij een wijziging van de personeelsformatie

  • een beleidskeuze moet worden gemaakt met (financiële en andere) gevolgen in de toekomst;
  • zelden dringend is;
  • niet behoort tot het dagelijks bestuur (minstens is ze niet van gering belang);
  • op geen enkele manier een uitvoering/voortzetting kan zijn van een andere procedure.

Voor de wijziging van de RPR is het minder eenduidig. Dezelfde redenering geldt als bij een wijziging van de formatie, behalve voor het geval waarin de RPR gewijzigd wordt n.a.v. nieuwe opgelegde regelgeving (vb. onbetaald verlof/zorgkrediet). Echter, in veel van die aangelegenheden moeten opnieuw beleidskeuzes worden gemaakt. In dat geval is voorafgaandelijk overleg verplicht. Niet elke ‘wijziging van de RPR’ moet dus noodzakelijk op dezelfde manier gekwalificeerd worden en er zal geval per geval moeten bekeken worden of al dan niet voorafgaandelijk overleg verplicht is.