Hoe lang kan een opgestarte selectieprocedure juridisch gezien uitgesteld worden omdat na de vacantverklaring onderhandelingen voor een fusie gestart zijn?

Hoe lang kan een opgestarte selectieprocedure juridisch gezien uitgesteld worden omdat na de vacantverklaring onderhandelingen voor een fusie gestart zijn? Is het aangeraden om de procedure stop te zetten en om de kandidaten vrijstelling voor de proeven te geven?

Uitstel van een deel van de selectieprocedure

In het licht van mogelijke onderhandelingen omtrent een fusie zou het bestuur kunnen verantwoorden om de selectieprocedure ‘on hold’ te zetten, maar dat uitstel van het volgende onderdeel van de procedure zal gemotiveerd moeten worden.
Het is bovendien aangewezen om het volgende onderdeel uit te stellen naar een redelijk en welbepaald tijdstip in de toekomst en dus niet te voorzien in een ‘onbepaald uitstel’. Een uitstel van de procedure mag immers niet een verdoken ongemotiveerde stopzetting worden, noch getuigt het van behoorlijk bestuur om kandidaten te lang in het ongewisse te laten over de juiste termijn van verderzetting en/of stopzetting.
Tenslotte is het van belang om de betrokken kandidaten uitdrukkelijk op de hoogte te brengen van het uitstel en de reden van uitstel nu bij de vacant verklaring verwachtingen gecreëerd werden door het bestuur.

Stopzetting van de selectieprocedure

Uit vaststaande rechtspraak van de Raad van State blijkt dat bij de openverklaring van een betrekking de beslissing wordt genomen om aan te werven en te benoemen, zodat een gestarte benoemingsprocedure tot op het einde moet worden doorgevoerd, tenzij naar recht en redelijkheid een aanvaardbare reden bestaat om dat niet te doen (zie hiervoor onder andere het arrest van de Raad van State nr. 73.369 van 29 maart 2007).
Bovendien moet het bestuur op basis van de wet van 29 juli 1991betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen beslissingen tot het stopzetten van aanwervingsprocedures uitdrukkelijk en afdoende motiveren, d.w.z. gebaseerd op motieven die draagkrachtig en pertinent zijn.
In het algemeen wordt aangenomen dat financiële gronden naar recht en redelijkheid een aanvaardbare reden kunnen zijn om de procedure stop te zetten. De gemeente kan dan in de toekomst wel geen nieuwe aanwervingsprocedures meer opstarten tenzij zij kunnen aantonen dat het financieel terug wel mogelijk is, bijvoorbeeld omwille van een pensionering, of omwille van het feit dat de belastingen werden opgetrokken.
Er zal telkens geval per geval moeten gekeken worden of de aangehaalde motivering voor stopzetting naar recht en redelijkheid aanvaardbaar is.
De (nieuwe) raad kan in de rechtspositieregeling bepalen dat de kandidaat die eerder heeft deelgenomen aan een gelijkwaardige selectieprocedure voor een functie in dezelfde graad als de vacante functie, gedeeltelijk of volledig vrijgesteld worden van de deelname aan de nieuwe selectie, als hij daarvoor al slaagde of geschikt bevonden werd. Voor de nieuwe selectie gelden in dat geval de resultaten die de kandidaat behaalde voor de eerder afgelegde overeenstemmende proeven. Als de raad de vrijstelling mogelijk maakt, kan hij desgewenst ook bepalen binnen welke termijn of hoelang die vrijstelling geldt.
Op het moment van de nieuwe selectieprocedure zullen uiteraard alle personen die voldoen aan de aanwervingsvoorwaarden voor de betreffende functie moeten kunnen deelnemen aan de selectie.